Twee keer afscheid, zo kort na elkaar …

Eind november 2017: Het ging al een tijdje niet meer zo goed met Mulata. Sinds de zomer was ze enorm afgevallen. Ondanks speciaal krachtvoer, vaker eten en extra lekkertjes geven kwam ze niet meer op gewicht. Ze had al snel niet meer de kracht om flinke stukken te lopen of op het strand te rennen, dus haar spieren teerden ook rap in. Dan gaat het hard. Binnen een paar maanden was ze weer net zo mager als op het moment dat ze haar in Spanje vonden. Compleet uitgemergeld. Tóen heel erg bang en onzeker, maar gelukkig al jaren blij en geliefd. Ze is van ver gekomen, maar heeft zich weten te ontwikkelen tot een vrolijke en stabiele hond die genoten heeft van haar leven bij ons.
De laatste weken keken we per dag aan of haar leven nog kwaliteit had. Ondanks dat ze zwak was, genoot ze nog enorm van haar eten, de honden, katten en de kip om haar heen, haar kleine wandelingetjes en uiteraard de liefkozingen van haar mensen. Tot het moment dat ze ineens begon de spugen en aan de diarree ging. Binnen twee dagen zagen we dat de levenslust uit haar ogen was. Die ochtend dat ze me haast smekend aankeek, wist ik dat ze er klaar mee was en belde de dierenartspraktijk.
’s Avonds kwamen onze kinderen en het uitlaat-buurmeisje alvast afscheid nemen. Nog een keer knuffelen en vrijuit de tranen laten stromen. Zo fijn dat die gelegenheid er was.
Donderdag 30 november even voor het middaguur stond de dierenarts voor de deur. Mulata lag op haar vaste plek. Onze jongste zoon was ook thuis. We gingen met zijn drieën om haar heen zitten en praatten wat. De arts aaide haar om te laten wennen. Mulata doezelde wat weg, ze was moe. Na een kwartier kwam het onvermijdelijke moment dat de injectienaalden en vloeistoffen tevoorschijn gehaald werden. Al pratend en aaiend werd het slaapmiddel heel zachtjes toegediend, maar Mulata reageerde daar al niet meer op. Ze heeft niet eens in de gaten gehad dat ze een tweede prikje kreeg en binnen een zucht haar hartje stopte met kloppen. Het klinkt misschien gek, maar ik was opgelucht. Het was goed zo. Mooier had het niet kunnen gaan. Thuis in alle rust, in je vertrouwde omgeving, op je eigen stoel en je geliefden om je heen kunnen sterven.
Onze jongste zoon en ik hebben haar even later samen naar het crematorium gebracht. Pas toen kreeg ik het te kwaad, haar daar achter moeten laten en weten dat je haar nooit meer zou zien …
Daags na Sinterklaas hebben we haar blik met as opgehaald en was ze weer ‘thuis’.

Natuurlijk misten we haar heel erg en moesten we wennen aan het feit dat we nog maar vier honden hadden, maar het leven ging gewoon door. De kerstversiering werd opgehangen en de boom opgetuigd. We hadden het druk met de voorbereidingen voor een feest wat wij georganiseerd hadden. Na dat feest ging alle aandacht naar ons geplande jaarlijkse uitje. Even samen een weekendje weg. Oppas was geregeld, dus we konden zorgeloos op pad.
Toen we terugkwamen waren de hondjes dolblij om ons weer te zien (en wij hun). Op dat moment konden we niet bevroeden dat een paar dagen later alles anders zou zijn.

Op 14 juni 2017 was Stroebel van de ene op de andere dag zijn zicht volledig kwijt. Diverse testen ondergaan en doorgestuurd naar een speciale dierenoogarts in Dordrecht. Uitslag: ontstekingen in zijn ogen, maar ook in zijn hersenen. Waarschijnlijk leukemie. Eigenlijk niet veel aan te doen. Met oogdruppels, zalf en Prednison moesten we het zien onder controle te houden en dragelijk voor Stroebel. Wanneer het wat beter ging mocht ik gaan afbouwen. Echter kwam het weer binnen een paar dagen terug, dus bleef hij op een tamelijk hoge dosis staan. Hij had continue trek in eten en vooral veel dorst door de medicatie, waardoor hij steeds vaker en heeeeeeel veel plassen moest (ik heb eens de timer erbij gehad en kwam op 2 minuten en 14 seconden aan een stuk plassen). Tevens moest ik hem begeleiden in het feit dat hij niets meer zag. Gelukkig pakte hij dat snel op en werden commando’s als “links, rechts, op, af, mee en stop” een leidraad waarop hij kon vertrouwen. Na verloop van tijd kreeg hij deels zijn zicht terug en werd hij ook weer zijn eigen, vrolijke zelf. We waren zo blij. De plas-ongelukjes namen we voor lief. En zo kabbelden we maanden door. Hij voelde zich over het algemeen goed en het leek erop dat hij op deze manier nog een hele tijd mee zou kunnen.

De maandag na ons uitje was Stroebel wat lusteloos. Eerst dachten we dat dat kwam omdat hij ons zo gemist had, maar naarmate de dag vorderde werd duidelijk dat hij zich echt niet zo lekker voelde. Dat had hij wel vaker, van die ‘ups en downs’, dan had hij rust nodig en trok het wel weer bij. Op dinsdag was hij compleet lusteloos. Lag op de koude plavuizen en wilde niet graag mee naar buiten. Hij leek pijn te hebben, maar wilde wel graag bij ons zitten en knuffelen. Woensdagochtend (20 december) kregen we hem met moeite naar buiten, maar waren verbaasd dat hij maar een klein plasje deed na een lange nacht ophouden. Een paar uur later plaste hij slechts een paar druppels en toen viel ons op dat zijn buik ineens heel opgezet was. Manlief had vakantie en drong erop aan dat we zo snel mogelijk naar de dierenarts moesten gaan. Door de drukte konden we pas later in de middag terecht. Tegen die tijd kon Stroef helemaal niet meer plassen en ging ik met angst en beven richting de praktijk, alwaar ik meteen meldde dat ik er een heel slecht gevoel bij had. Mijn gevoel was juist. Bij het zien van zijn bijna spierwitte tandvlees wist ik eigenlijk al genoeg, het was foute boel. De röntgenfoto gaf uitsluitsel: bloeding in de buik. Er was geen keuze meer, hij moest uit zijn lijden verlost worden. Daar stond ik dan, in mijn eentje bij de DA. Een hond die me vragend aankeek, omdat hij niet begreep wat er gebeurde. Hij wilde mij troosten, maar kon niet meer. Ik ging stuk. Het leek uren te duren en uiteindelijk is er een injectie rechtstreeks zijn hart in gegaan.
De dierenarts was zo lief voor me, heeft me alle tijd gegeven die ik nodig had om mezelf te herpakken en heeft Stroebel in de auto gedragen.
Daar ging ik, voor de tweede keer in twintig dagen, richting dierencrematorium. Vol ongeloof en met onnoemelijke pijn in mijn hart heb ik afscheid genomen van een hond die zo diep in mij genesteld zat.

 

 

 

 

Het klinkt misschien gek, maar met het overlijden van Mulata had ik geen moeite, maar de dood van Stroebel kan ik nog steeds niet accepteren. Hij was altijd zo aanwezig, die vrolijke huppel met zijn bijzondere karakter en is zo abrupt uit ons leven gerukt. Het zal nog even duren voordat we dit een plaatsje gegeven hebben.

Nicole