Kuieren

Toen Zussie twee weken bij ons was overleed mijn vader.
Die dag had ik mijn klas in orde gemaakt voor de start van het nieuwe schooljaar. Toen ik ‘s middags naar huis fietste genoot ik van het prachtige zomerse weer. Thuis gekomen wilde ik snel een frisse douche nemen en daarna met een boek in de tuin gaan zitten toen de telefoon ging.
Een meneer van het ziekenhuis vertelde me dat mijn vader ernstig gewond was binnen gebracht. Hij was in zijn rolstoel naar zijn groentetuintje geweest en op weg naar huis aangereden door een auto.
Ik kon niet veel meer uitbrengen dan: “O”. Het was half drie op mijn horloge. De mooie zomerdag was weg.
Wij zijn naar het ziekenhuis gereden waar we om half vijf arriveerden.
In de vroege ochtend van de volgende dag verlieten we het ziekenhuis.
Ik had geen vader meer.
Thuis gekomen ging Paul met de galgo’s een laatste ronde maken en ik nam Zussie mee.
Om drie uur ‘s nachts slofte ik met een klein blind en doof hondje door het park. Ik knielde naast haar en zei: “Van ons gezin ben ik nu alleen nog over.”
Zussie stond roerloos naast me en pas toen ik weer overeind kwam stapte ze naast me verder. Misschien begreep ze niets van wat ik zei. Logisch. We kenden elkaar nauwelijks twee weken dus wat wil je.
Daar komt nog bij; wat wil je als je niets ziet en nagenoeg niks hoort.

De weken die volgden waren niet makkelijk. Beslissingen voor de meest uiteen lopende zaken moesten worden genomen.
Zonder me ervan bewust te zijn nam ik vaak even tijd om met Zussie een wandelingetje te maken. Even tijd om nergens aan te denken.
Intussen is het een gewoonte geworden die ik niet meer wil missen.

tn_img_2302 IF

Wandelen met Zussie is heel bijzonder en anders dan gewoon wandelen!
Zussie heeft namelijk haar eigen tempo waar ze niet van afwijkt. Vroeg in de ochtend neemt ze ruimschoos de tijd om elk grassprietje te besnuffelen en aan elke boomstam moet ze ruiken wie er al langs is geweest. Dat is haar manier van de krant lezen zou je kunnen zeggen.
Als ik in de namiddag uit school kom ligt ze meestal te slapen. Voorzichtig hou ik mijn hand voor haar neus en dan…rekt ze zich uit als de prima ballerina van het Zwanenmeer, kwispelt uitbundig met haar staartje en zoekt mijn benen om er haar neus tegenaan te wrijven. (Om het voor haar gemakkelijk te maken mij te kunnen ruiken gebruik al zolang ze er is dezelfde eau de toilette!)

Ik krabbel achter haar op haar hoofd en achter haar oor en daarna til ik haar naar de hal en gaan we uit. Dat is meestal rond half zes. Ook dan heeft ze geen enkele haast. Soms neem ik mijn foto camera mee en soms mijn iPod. Ik fotografeer de mensen in hun huizen bezig met hun avondeten. Of kijkend naar het nieuws op tv. Of op weg naar een van de restaurantjes of het theater. Dat gebeurt vooral in het weekend.
Intussen is Zussie druk met ‘Facebook-en’ . Zij weet precies wie er zoal die dag in het park zijn geweest. Elke nieuwe plas en poep registreert ze in haar administratie! Regelmatig staat ze ineens stokstijf stil en steekt ze snuivend haar neus in de lucht. Dan moet ze even nadenken wie de producent is van de dikke drol in het gras voor haar. ‘s Avonds kan ik haar daarin nog weleens adviseren. Omdat mensen in het donker zelden opruimen wat hun dierbare diertje per ongeluk laat vallen! Maar bij daglicht gelden de gemeentelijke verordeningen. Wonderlijk maar zo is het.
Trouwens over kak gesproken; Zussie is erg kieskeurig met het kiezen van een geschikte plek voor haar keuteltje. Want meer is het niet. Slechts een heel klein bescheiden kakje. Van zo een passen er wel vijfentwintig in een zakje, haha! Maar dat laat ik niet merken aan Zussie. Nee joh. Ik zou niet durven want zij maakt er altijd een hele show van. Zelfs bijna een voorstelling! Met veel draaien en opstaan en opnieuw hurken en weer draaien. Zodat je denkt dat er een vracht ontlasting gelanceerd gaat worden waar de riolering van verstopt zal raken. En dan valt er een XL bruine boon op de herfstbladeren die in een leeg luciferdoosje past.
Zussie veert direct overeind en danst blij in het rond alsof ze zichzelf feliciteert met dit buitengewone resultaat!
Voor haar plas heeft ze een ander ritueel; als ze hele hoge nood heeft hurkt ze tamelijk snel op een hoopje bladeren in de goot. Achttien tellen duurt zo’n plas. Soms zelfs twintig. Maar is de nood minder hoog dan gaat ze uitgebreid op zoek naar een mooi plekje. Slechts dertien tellen heeft ze dan nodig. Met de blote bips in het natte gras gaan zitten, weigert ze ten enemale. Daar geef ik haar gelijk in. Daar heb ik ook slechte ervaringen mee!
Tegen kwart over zes keren wij richting huiswaarts. Tijd voor het avondeten!

De laatste wandeling van de dag op het laatste uur van de dag is de mooiste wandeling van de dag. De avondwandeling!
Voordat we gaan heb ik opgeruimd waar ik mee bezig was. Ik schenk een glas wijn in voor straks en dan gaan we.
Het is stil op straat. In de huizen brandt overal nog licht. Mensen wachten op de laatste tv uitzending die bijna gaat beginnen.
‘s Avonds huppelt Zussie altijd. Soms springt ze met vier beentjes tegelijk omhoog en heel af en toe rent ze een klein stukje. Vanzelfsprekend ren ik dan mee want loslaten kan niet. Dan zou ze overal tegenaan botsen. Als we in het park aankomen start ze voor de derde keer haar snuffelroute. Wie er al geweest zijn voor de laatste plas en wie er nog moeten komen. Ze moet het allemaal registreren.
En ik? Ik overpeins de dag. En de dag ervoor en daarvoor. De hele afgelopen periode. Veel afscheid moeten nemen van dierbaren.
Er is veel verleden tijd geworden afgelopen tijd.
Dat is wennen. Doet pijn. Verdrietig ook.
Ik slof door de afgevallen bladeren en veeg de tranen weg.

tn_img_2762 tn_img_2755

Zo kuieren wij verder door het park als de dag bijna ten einde is.
Nog één laantje en dan gaan we richting huis.
Zussie controleert nog even snel de laatste grassprietjes.
Dan slaan we rechtsaf naar het zebrapad.
Ik stuur haar veilig langs boomstammen, putdeksels, slootkantjes en de rand van de brug.
We steken over en samen huppelen we de laatste meters naar huis.

Halsband af, jas aan de kapstok, laarzen uit. Lamp in de garage uit.
“Kom, ik draag je naar boven en dan moet je eerst wat drinken.”
Ik zet Zussie bij de waterbak en voorzichtig neemt ze een paar slokjes.

Hè dat was lekker zo’n wandeling in de avondlucht. Daar knap je van op!
Ik plof neer op de bank en pak mijn glas en ik proost op iedereen waar ik definitief afscheid van moest nemen afgelopen maanden.
“Ik mis jullie” fluister ik en slik mijn tranen weg.
Waarschijnlijk ga ik het nooit leren; afscheid nemen is erg ingewikkeld.
Zussie ligt intussen op de voeten van Paul te slapen.

Truste voor straks en droom van mooie dingen.

Mieke